Slijtage (artrose)

Er komt een 50 jarige vrouw bij de dokter. Ze heeft steeds meer last van haar vingers. De topjes lijken steeds meer scheef te gaan staan en er lijken knobbels op de gewrichtjes te ontstaan. Het is steeds vaker zeer pijnlijk en haar bewegingen worden steeds meer beperkt.

 

 

 

Anatomie / Fysiologie

Als embryo bestaan alle botten volledig van kraakbeen. Al voor de geboorte tot in de eerste levensjaren verandert dit kraakbeenweefsel geleidelijk in botweefsel. Het kraakbeen is elastischer en breekt minder snel dan botweefsel. Er zit geen kalk in kraakbeen en ook geen bloedvaten. Kraakbeen krijgt zijn voeding door afwisselend te belasten en te rusten.
Een gewricht bestaat over het algemeen uit 2 boteinden met kraakbeen, een gewrichtsspleet en gewrichtssmeer en daaromheen een kapsel. De dikte van het kraakbeen is afhankelijk van de krachten die het moet kunnen opvangen. Voor de knie is dit ongeveer 1 cm. dik, maar voor de vingers bijvoorbeeld maar ongeveer 0,1 mm.
Het gewrichtssmeer (synoviaal vocht) zorgt voor de soepele beweging en voor de voeding van het kraakbeen. Het gewrichtskraakbeen wordt leeg geperst tijdens belasting. Na de belasting zuigt het zich weer vol met smeer. Zo is een afwisseling van rust en beweging dus de manier van voeding voor het gewrichtskraakbeen.

Door afname van kwaliteit van kraakbeen, vermindert de zuigkracht. Het kraakbeen raakt sneller beschadigd en herstelt slechter.
Bij een normaal verouderingsproces verandert de kraakbeengrondstof. Er vinden microscopische veranderingen in structuur en samenstelling van het kraakbeen plaats. Afwijking van de cellen waarin kraakbeen wordt gemaakt, bijvoorbeeld in het collageen en proteoglyconen. Het kraakbeen krijgt kleine scheurtjes doordat het zachter wordt. Het wordt minder doorlaatbaar en minder elastisch. Het is minder sponsachtig en droogt uit. Het synoviale membraan vorm en voert gewrichtssmeer af. Een beschadigd gewricht ontvangt meer vocht van dit membraan, waardoor er een zwelling kan ontstaan en een ontsteking.

Artrose is (chronische) degeneratie (slijtage) van het kraakbeen en het omliggende weefsel in de gewrichten. Het kraakbeen beschermt het bot en zorgt in het gewricht voor een betere beweging.

De botuiteinden worden bij artrose minder glad en de botuitsteeksels (osteofyten) zorgen er voor dat het bot c.q. het gewricht nog verder slijt doordat er meer wrijving ontstaat.
Verpulverd kraakbeen komt in het gewrichtsvocht terecht. Dit wordt door ons lichaam gezien als een vreemde stof en het lichaam wordt aangezet om er witte bloedcellen naar toe te sturen. Deze witte bloedcellen geven vervolgens ontstekingsstoffen af. En zo ontstaat er een plaatselijke ontsteking.

Het kraakbeen kan helemaal verdwijnen. Het botweefsel neemt vervolgens toe en er ontstaan knobbels (osteofyten). Door de ruwheid (voorheen glad en glibberig) kunnen schokken niet goed meer worden opgevangen en is soepel bewegen niet meer mogelijk. Alle weefsels in een gewricht gaan in kwaliteit achteruit.

Artrose zie je vaak aan de knieën, heupen, vingers en tenen, maar ook de wervelkolom slijt.

Er is primaire artrose. Dit is bijvoorbeeld een aangeboren misvorming, zoals heupdysplasie of een beenlengteverschil. Ook artrose als natuurlijk verouderingsverloop is primair.
Secundaire artrose is het gevolg van iets anders als bijvoorbeeld overgewicht of beschadiging van een meniscus.

 

Oorzaak

Hierover is eigenlijk nog niet echt duidelijkheid, maar er worden wel een aantal zaken aangegeven als mogelijke oorzaak.
Een verkeerde stand van het gewricht geeft wrijving, waardoor het kraakbeen eerder slijt. Mensen met overgewicht, lopen door hun omvang vaak met de voeten verder uit elkaar. Door de verandering in de stand van het gewricht, vindt er slijtage plaats. Bijkomende symptomen zijn vaak rugpijn en vermoeidheid. Ook gezwollen voeten komen voor in verband met oedeem.
Ook overbelasting door langdurig zwaar lichamelijk werk of bijvoorbeeld bij (top)sporters. De steeds herhalende beweging wordt ook als oorzaak gegeven.
Ook erfelijkheid wordt aangegeven als mogelijke oorzaak. De natuurlijk afbraak gaat dan sneller dan normaal.
In ieder geval is het leeftijdsgebonden en heeft het te maken met de veroudering. Uiteindelijk slijten we allemaal. Het proces wordt versneld als er een te kort aan voedingsfactoren zijn (dus let op met extreem afvallen!) en wissel beweging af met rust. Te veel zure voeding verzwakt onder andere het kraakbeen. 
Verder geeft langdurig overgewicht ook een langdurige overbelasting aan op gewrichten van bijvoorbeeld de rug, heupen en knieën.
Bepaalde ziektes hebben ook invloed op de kwaliteit van het kraakbeen. Jicht, hemofilie, suikerziekte of andere verstoringen van de klieren met een inwendige secretie hebben invloed op de kwaliteit van kraakbeen.

Symptomen

De symptomen die vooral voorkomen bij slijtage zijn pijn. Vaak is dit de reactie van de pezen en spieren rond het aangedane gewricht. Ook stijfheid komt vaak voor. Bijvoorbeeld inlooptijd direct na het opstaan, die weer verdwijnt als men even heeft bewogen.
Als men langdurig en zwaar beweegt veroorzaakt dat ook meer pijn. Bij bewegen van het versleten gewricht hoor je vaak knarsen door wrijving. Er groeien botaangroeisels (tenen en vingers) waardoor ze vervormen. Er is vaak een beperking van de beweeglijkheid.
Ook is er pijn als de persoon niet actief is.
Dit alles verergert langzaam.

Diagnose

Om de diagnose vast te stellen kan de huisarts bloedonderzoek voorstellen. Dit is om uit te sluiten dat het hier niet gaat om reumatische artritis. De verdere diagnose zal vooral een lichamelijk onderzoek zijn. Bij beweging vindt vaak wrijving, pijn en knarsen van het gewricht plaats. Verder hoort en voelt de arts kraken.
De banden en spieren rondom het aangedane gewricht zijn vaak verzwakt en verdund, omdat ze minder functioneren.
Met een röntgenfoto komen ruwheden van het gewrichtsoppervlak aan het licht. Ook te weinig kalk in de botten, versmalling van de gewrichtsspleet zijn te zien op een röntgenfoto. Verder ziet de arts kleine cysten (osteofyten) op de foto.
Naast een foto kan er ook een MRI scan worden gemaakt. Ook hierop kan de arts zien waar de artrose zich precies bevindt.
Bij mevrouw zijn duidelijk de osteofyten te zien op de vingers. Artrose wordt dan ook gediagnosticeerd. Ook wordt gevraagd of er nog meer plekken zijn waar mevrouw dergelijke klachten heeft. Het  blijkt dat ook haar tenen beginnen te krommen. Verder heeft ze vaak klachten aan haar nek en schouders. Dit kan echter ook met de houding te maken hebben die zij aanneemt tijdens haar werk achter de computer.

Behandeling

Regulier

Medicatie tegen ontstekingsreactie en pijnstilling (NSAID, paracetamol, COX-2 remmers). Cortisone injectie. Hyaluronaat injectie (1x per week, 3 weken).  Fysiotherapie (i.c.m. warmtetherapie), korte golfbestraling. Spalkjes aanleggen om misvormingen te voorkomen. Korset of rugsteun. IJskompressen tegen de pijn. Inlegzolen. Operatie met gewrichtsvervanging.

Homeopathie

Spiroflor druppels (1 week 3x/dag 7 dr.; daarna 3/4x per dag 10 dr.)
Ferrum PhosphoricumD6 bij acute klachten (max. 10 dagen 3x/dag 1 dosis).
Natrium Phosphoricum D6 voor uitscheiding urinezuur (10 dagen 2x/dag 1 dosis)

Alchemilla complex 93x/dag 30-40 dr.) – langdurig gebruiken.

Artrosan

Aromatherapie

Met blauwe kamille, citroen, eucalyptus, jeneverbes, lavendel samen in een basisolie het aangedane gewricht masseren en vervolgens afdekken met folie of een doek. Of voormelde etherische oliën toevoegen aan een warm bad.

Voeding

Minder arachidonzuur (zit in vlees, zuivel en eieren)
Vette vis
Vers fruit en verse groenten.

Minder / geen koffie/alcohol, suiker, chocola, suikerhoudende producten, witbrood, met wit meel bereide producten, varkensvlees, dierlijk vet, worst en scherpe voeding. Beperk de vleesinname.

Eet wel volkoren producten, zilvervliesrijst, verse biologische groente en vers biologisch fruit en verse sappen.

Voedingssupplementen / orthomoleculair

Visoliecapsules met veel EPA
Silicium (organisch) 20 ml. Per dag. – versterkt het verzwakte bindweefsel en de banden.
Supergreens – bevat de juiste voedingsstoffen. Zorgt voor een goede darmflora en helpt bij ontzuren.
MSM (=organisch zwavel) 3000 mg./dag. – werkt ontstekend remmend & verhoogd de celdoorlaatbaarheid.
Glucosamine (1500-1750 mg./dag) – verbetert de kraakbeenfunctie, verlaagt de pijn en remt de kraakbeenafbraak.
Chondroïtine (1250-1500 mg./dag) Hoeveelheid afhankelijk van lichaamsgewicht. – verbetert de kraakbeenfunctie en verlaagt de pijn.
1 t.l. appelazijn samen met 1 t.l. honing oplossen in warm water en iedere ochtend en 3x/dag drinken.
Levertraancapsules.
Controle of er voldoende vitamine B & C uit de voeding wordt gehaald.
Curcuma

Traditionele Chinese Geneeswijze

Verlagen van de jing in de nierenergie. Verhogen van de temperatuur door de lever- (woede) en longenergie te beïnvloeden.

Bewegingstherapie

Bewegingsoefeningen in warm water. 

Zowel rek- als spierversterkende oefeningen.

Beweging goed afwisselen met rust.

Doe zo veel mogelijk oefeningen in de buitenlucht 

 

 

Kruiden

Maak van duivelsklauw, es, maïs, moederkruid, moerasspirea, schietwilg,  selderij en tandpijnboom een mengsel en drink dit 3x/dag gedurende 4 – 6 weken. Dit kan helpen om urinezuur en afvalstoffen uit het lichaam te bevorderen, de ontsteking te verminderen en de pijn te verlichten. Er kan waterdrieblad worden toegevoegd als de klachten juist verergeren bij vochtig weer.

Maak een kompres van rode iep en cayennepeper (9:1). Smeer 75 gram van dit mengsel met heet water uit op katoen en leg het op het pijnlijke gewricht. Dit als het gewricht reageert op koud weer.

Maak een kompres van koolbladeren als de klachten juist verergeren bij warm weer.

Overige

Massage. 
Leven in een droge/warme woonruimte. Draag warme kleding. Ga onder begeleiding van een natuurgeneeskundige gezond vasten of ontgiften. Eet zo veel mogelijk vegetarisch. Doe een fruitkuur. Neem een warm bad met hooibloemen. Behandel de huid met borstelbaden en wisseldouches.

 

Preventie

In de jeugdjaren moeten de botten voldoende calcium kunnen opslaan. Voeding is hierin een belangrijke factor. Hiervoor zijn granen, peulvruchten fruit en (groene) groenten erg belangrijk. 
Verder is het belangrijk dat er voldoende wordt bewogen en vooral ook wordt gesprongen, bijvoorbeeld in de vorm van hardlopen. Ook touwtje springen is goed. Er zijn natuurlijk ook allerlei sporten waarin springen en bewegen worden gecombineerd.

Is de slijtage al begonnen, dan is het vooral zaak dat je zo goed mogelijk het bewegingsapparaat onderhoud. Oefeningen doen in een zwembad. Maar ook masseren van het aangedane gewricht. Warme kompressen doen goed.
Heeft u overgewicht, dan is afvallen een must. Zeker als de slijtage in de rug, heupen of de knieën zit. Verder is het gebruik van hulpmiddelen aan te raden, zoals bijvoorbeeld een stok, krukken of een rollator om te lopen. Ook een kraag voor de hals, een korset of een knieband kan in uw voordeel werken.
Verder is het goed een juiste balans te vinden in beweging en rust.